De oecumene en de gebroken triniteit


De oecumene kent een grote verscheidenheid aan Christelijke stromingen, theologische richtingen, en praktijken. Maar je zou kunnen zeggen dat er grofweg drie “modaliteiten” te onderscheiden zijn. Ik denk dat je die in kaart kunt brengen als je uitgaat van het feit dat zij allen op een of andere manier uitgaan van of voortgekomen zijn uit de leer van de triniteit. Vader, Zoon en heilige Geest zijn de drie personen (niet persoonlijkheden, of maskers, of verschijningen, maar manieren van openbaring) die in de éne God (de “substantie” noemden ze dat, God volledig en in Zichzelf) te onderscheiden zijn. Dit is wel een hele korte manier om de triniteit uit te leggen, maar ik laat het daar even bij. Het gaat mij om de manier waarop kerkelijke “modaliteiten” deze triniteit of drie-eenheid in de vormen van hun gemeente-zijn zichtbaar maken.

Eerst maar even de terminologie. Ik versta onder “Patrocentrisch”  – Pater is Grieks voor Vader – de neiging van een kerk of stroming om God de Vader centraal te stellen, en alles vanuit een ontwikkeld beeld van God als Vader te bezien en te begrijpen. Dan is er uiteraard ook een Christocentrische richting, waarin de persoon van de Zoon op dezelfde manier centraal staat. En laten we dan de derde richting maar Spiritocentrisch noemen, van spiritus wat “Geest” betekent.

Een patrocentrische kerk leunt op het eerste deel van de Apostolische belijdenis. “Ik geloof in God de Vader, de Almachtige, Schepper des hemels en der aarde.” God is Vader – van alle mensen, zonder uitzondering. Hij laat het regenen over goeden en kwaden, Hij wil dat alle mensen tot inzicht komen in de waarheid, Hij geeft alle mensen hun voedsel, leidt de bewegingen in de geschiedenis en zorgt voor Zijn kinderen. Al Zijn kinderen. Hij is genadig en barmhartig en vergeeft de zonden van de mensen zodat ze steeds weer opnieuw mogen beginnen. Hij zond ook Zijn Zoon, om aan de mensen uit te leggen wie Hij is en Zijn liefde te demonstreren. De mensen hebben echter Zijn Zoon niet aangenomen, maar God vergeeft de mensen op grond van de verdienste van de Zoon. Er is in een kerk die dit centraal stelt geen behoefte aan volwassendoop – want iedereen wordt als kind van God geboren. Er is ook geen behoefte aan evangelisatie, om dezelfde reden. God wordt ontmoet – of blijkt afwezig – in de dagelijkse, natuurlijke zorgen en bezigheden van de mensen.  De verkondiging in de gemeente moet dus aansluiten bij die dagelijkse zorgen en bezigheden.

In een dergelijke kerk kunnen er voldoende christocentrische en spiritocentrische elementen aanwezig zijn, om enige tegenstand te bieden aan deze fundamentele blikrichting. Als die ontbreken komt een dergelijke kerk terecht in een “ketterij”, waaronder ik dan versta een manier van geloven en leren, waarin bepaalde elementen uit de Bijbelse openbaring worden benadrukt ten koste van andere, zodat een misvormd en scheef beeld van God overblijft. Wie gaat geloven dat God in alle religies geopenbaard is, dat de openbaring van God in de Zoon niet uniek en waar is, maar ook maar een menselijke poging iets van God te begrijpen, of gelooft dat God een “Iets” is waar we ons niets bij kunnen voorstellen, die is in deze richting doorgeschoten.

Een spiritocentrische kerk heeft weer geheel andere accenten. In de Belijdenis lezen we alleen maar: “Ik geloof in de Heilige Geest.” Maar daaraan zijn veel zaken verbonden. Hier is de waarheid vooral datgene wat zichtbaar wordt in de ervaring van de gelovigen, in de bovennatuurlijke leiding in het dagelijks leven, in de verhoring van de gebeden. Het is de sterke, soms mystieke ervaring van God bij-ons-en-in-ons die hier een gemeente aandrijft. Men zoekt in deze kerken de presentie van de heilige Geest door dynamische muziek, soms ook handgeklap en allerlei andere meer extraverte vormen van expressie. Men zoekt ook de leiding in de waarheid boven alles in de werking van de heilige Geest die immers ook de Schrift verklaart. De exegese alleen en de kennis van de Schriften is vaak te koud, en men zoekt boven alles de warme intimiteit van verbondenheid, eensgezindheid, en men hoort graag de getuigenissen van mensen die zijn aangeraakt door de heilige Geest – in bekeringsgeschiedenissen, gebedsverhoringen, bijzondere “openbaringen” e.d.

Slaat dit door, dan wordt de heilige Geest de éne en énige vorm waarop God Zich openbaart, en dan krijgt de Schrift een secundaire plaats toegewezen. Men spreekt over profeten die rechtstreeks vanuit God openbaringen doorgeven. Men verwacht wonderbare genezingen, wonderen, gaat naar massa-bijeenkomsten waar die wonderen door bijzondere mannen of vrouwen worden beloofd – mits het geloof sterk genoeg is. Men spreekt over de doop met de heilige Geest die het vermogen geeft om tongentaal te spreken. Men spreekt over gebedsgenezingen aan de lopende band, zelfs voor verkoudheden die een gewone afspraak in de weg zitten. In die overdrijving raakt de Schrift op de achtergrond, worden “gewone” gelovigen zonder tongentaal tot tweederangsburgers van het Koninkrijk van God en wordt Christus door de Plaatsvervanger inderdaad uit de aandacht verdrongen. Ook dat is een ketterij omdat God de vader en de Zoon hier op de achtergrond raken.

Er is iets bijzonders aan de Apostolische geloofsbelijdenis. Juist het tweede artikel, over de Zoon, is zeer uitgebreid. Het bevat verwijzingen naar het concrete menselijke leven van Christus – m.i. om te verhinderen dat we de Zoon laten opgaan in de Geest, Hem tot een verschijning maken. Het spreekt ook over de heilsfeiten: dood, begrafenis, opstanding – m.i. om te benadrukken dat de vergeving alleen vanuit het werk van de Zoon voortkomt. En het benadrukt de wederkomst van Christus als de Rechter van de wereld – m.i. om te benadrukken dat we in de praktijk van het leven met de Heer Jezus te maken hebben die de norm en de maatstaf van ons Christelijke leven is. Aan Jezus heeft de Vader het oordeel gegeven, zegt ook Johannes in zijn evangelie (5:22, 27). Dit tweede artikel is het eigenlijke midden, van waaruit de beide andere artikelen gelezen moeten worden. Wie is de Vader? De Zoon heeft Hem geopenbaard. Het concrete, menselijke leven van Jezus moet gezien worden als het “wonen” van het vleesgeworden Woord onder ons (Joh. 1:14, 18), en omdat niemand God gezien heeft zijn wij aangewezen op Jezus want die heeft God verklaard. De liefde van God de Vader is dus geen apart leerstuk, dat je kunt begrijpen zonder de Zoon. Hierin is de liefde van God jegens ons bevestigd en geopenbaard, “dat Christus voor ons gestorven is toen wij nog zondaars waren.” (Rom. 5:8) Hierin is die liefde geopenbaard “dat God Zijn Eniggeboren Zoon in de wereld gezonden heeft, opdat wij zouden leven door Hem.” (1 Joh. 4:9)

Een Christocentrische kerk zal dus de Vader zien vanuit de openbaring van de Zoon en de heilige Geest zien als de Geest van Christus. De plaatsvervanger, zeker, maar niet de vervanger van Christus zelf. Die Geest, gezonden in de Naam van de Zoon (Joh. 14:26)  “zal Mij verheerlijken, want Hij zal het uit het Mijne nemen en het u verkondigen.” (Joh. 16:14) Daarin ligt dus het evenwicht, als Christus wordt geëerd als de Zoon die de Vader verheerlijkt en de heilige Geest gezien wordt als de Geest die de Zoon verheerlijkt etc. Dan komt de dynamiek van de triniteit tot zijn recht.

Is er een overdrijving denkbaar? Als Jezus wordt gezien als slechts een mens, die alleen in Zijn menselijkheid voor ons interessant is, hebben we opnieuw een ketterij. Dan rust de Geest van God niet op Hem en wordt Hij niet door de Vader gezonden. Dan krijg je een jesu-centrische kerk, die alleen over Christus spreekt als een martelaar, of een moreel voorbeeld om na te leven. Ook dat is dan een ketterij.

Het lijkt erop dat de oecumene uiteen valt in een patrocentrische oecumene van katholieken en protestanten van het midden en de linkerzijde van de PKN en een Christocentrische oecumene – waar de spiritocentrische kerken toch bij kunnen aansluiten omdat zij hetzelfde fundament delen – waar confessionelen, evangelisch hervormden, Baptisten, evangelischen en charismatische kringen toe behoren.  Die breuklijn is er nu. Zal de kerk ooit helen tot haar werkelijke eenheid, waarin God de Vader, de Zoon én de Heilige Geest de eer krijgen die hen gezamenlijk – want samen de éne God – toekomt?

6 reacties

  1. Johan Stringer schreef:

    Ik ben als ‘publieksexperiment’ een digitaal boek aan het schrijven met de titel ‘Intiem met God’. Ik publiceer elk nieuw hoofdstuk vroegtijdig als blogbericht op https://vastvoedsel.nl/intiem-met-god/.
    In de hoofdstukken ‘De Poort tot de Vader’ en ‘Here en God’ gebruik ik de term Patrocentrisch. Toen ik al schrijvend eens ging googelen op die term ontdekte ik tot mijn verbazing dat het bijna niet gebruikt wordt met deze blog als één van de grote uitzonderingen…
    Mijn conclusie in ‘Poort tot de Vader’ is trouwens dat wellicht de meest zinvolle term Theocentrisch zou moeten zijn.

    Like

  2. Eduard Smits schreef:

    De kerk, oftewel de tempel van God. Er is maar één “gebouw”, één instituut wat dit vertegenwoordigt; het menselijk lichaam. Die kerk zal ooit helen als er over anderen niet meer geoordeeld wordt. Zo zie je ook hier weer, in het verhaal van Robbert, dat er geoordeeld wordt over de geloofsbelevenis van andere mensen. Op die manier is er inderdaad nooit eenheid te bereiken. God heeft een volkomen perfecte en volmaakte schepping geschapen. Zolang jij als mens dat niet ziet, is er iets mis met jou, niet met de schepping. Zolang er iets mis is met jou, ervaar jij geen eenheid en ben/wordt je niet opgenomen in Gods Koninkrijk.

    Like

  3. DaMenace schreef:

    Ik vrees dat een dergelijke kerkelijke eenheid de leegloop van kerken niet zal keren ook wordt het dan voor eventuele vijanden van religie veel makkelijk om de boel gelijk in één keer op te ruimen.

    Het is veelbetekenend dat in enkele tientallen jaren tijd de kerken naar de zijnlijn werden gedrukt en nu nog maar een marginale rol spelen binnen de maatschappij waar zij zo’n 1700 jaar de belangrijkste machtsfactor waren.

    Toen ik werd geboren (eind jaren 60) zaten de kerken wekelijks nog behoorlijk vol nu is de leegloop dusdanig dat PKN en RKKN zich genoodzaakt zien om duizenden kerkgebouwen te sluiten voor het jaar 2025.

    Dat geeft te denken

    Geliked door 1 persoon

    1. Robbert Veen schreef:

      En wat denk je dan? Gaat de kerk in Nederland ten onder?

      Like

      1. DaMenace schreef:

        Ik spreek wel eens iemand die zelf erg vrijzinnig is qua opvattingen en die zegt altijd tegen me dat de grote gevestigde kerken (zoals RKK en PKN) langzaam als een kaars zullen uitdoven en alleen nichespelers in religieland een kans hebben op voortbestaan of groei.

        Ik denk dat hij daarin gelijk krijgt.

        Like

      2. DaMenace schreef:

        Hier een artikeltje over de bevindingen van een onderzoek betreffende de situatie in Groot Brittannië. Ik denk dat een vergelijkbare trend waarneembaar is in elk westers ‘christelijk’ land. http://www.spectator.co.uk/features/9555222/2067-the-end-of-british-christianity/

        Like

Een reactie plaatsen

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.