De verlamde in Bethesda – leerpreek over Johannes 5:1-18

Johannes 5:1-18
Leerdienst in IJmuiden. Eerste deel van een tweeluik over de verlamde in Bethesda.

Bethesda: plaats van barmhartigheid? Of de plek waar bijgeloof welig tiert en waar mensen – die alleen bezig zijn met hun lichamelijke kwalen – in hun ongeloof en onvrede worden gesterkt? Huis van de wanhoop, dat was een betere titel geweest voor deze plaats.

De les van dit gedeelte is van groot belang voor de beoordeling van gebedsgenezers en allen uit de charismatische hoek die de “zalving” met de gave van genezing claimen. Hier zie je hoe die “gave van genezing” geacht wordt te werken. Bij Christus net zozeer als bij de apostelen die deze gave uit Zijn hand hebben ontvangen. Zo heeft God meegewerkt bij de verkondiging van het evangelie, voordat de heilige Schrift volledig was met het Nieuwe Testament en de openbaring (de canon) compleet gemaakt was en het apostolisch gezag door het Woord bevestigd werd en niet langer door wonderen en tekenen.
Gods genezingen zijn onmiddellijk, volkomen en definitief – en in dit geval niet afhankelijk van het geloof van de genezene. “Sta op”, zegt Hij. En de genezing is al een feit. Het is een bewijs van Zijn volkomen macht. Hoe anders zijn de geclaimde wonderen van de Rooms-Katholieke kerk of van moderne gebedsgenezers en charismatici met de gave van “genezing”. De genezing is bij hen niet onmiddellijk, wordt afhankelijk gesteld van het geloof, en is zeker niet definitief en volkomen. Dergelijke mensen zijn wolven die de kudde bedreigen met een valse leer.
Bijzonder aan dit gedeelte is ook nog dat Jezus deze man, die Hem later zou verloochenen en verraden aan de Joodse leiders, toch heeft genezen. Dat laat tevens zien dat de genezingen een hoger doel dienen: in dit geval is dat te laten zien hoe ver het ongeloof van de Joodse leiders reikt. Hoever reikt dat immers? Dat zij niet in Hem geloven die hier een wonder van genezing verricht, en daardoor demonstreert dat Hij scheppingsmacht heeft – en dus waarachtig de Zoon van God is die de eigenschappen van God met de Vader volkomen deelt.
De sabbatwet wordt door hen gebruikt tégen het “werk” van genezing en vergeving in dat de Heer Jezus hier komt verrichten. En daarmee verwerpen zij de vader Zelf die de Zoon gezonden heeft.

Een andere Jezus… Edward van der Kaaij

 

predikant

Waarom wil de gereformeerde kerk in Nijkerk dominee Edward van der Kaaij niet langer op de kansel zien staan?

2 Kor. 11:3,4  Maar ik vrees dat, zoals de slang met zijn sluwheid Eva verleid heeft, zo misschien ook uw gedachten bedorven worden, weg van de eenvoud die in Christus is. 4 Want als er iemand komt die een andere Jezus predikt, die wij niet gepredikt hebben, of als u een andere geest ontvangt dan die u ontvangen hebt, of een ander evangelie, dat u niet aangenomen hebt, dan verdraagt u dat best.

Wat een moeilijke kwestie is dat toch. Wanneer is er sprake van een “andere” Jezus in de prediking van evangelisten, predikanten, kerkleiders, pastoraal werkers, of andere gemeenten? Paulus is er bang voor, dat in Korinthe een “andere” Jezus wordt gepredikt. Een Jezus wordt gepredikt, die niet conform de prediking van de apostelen wordt voorgesteld. Wat voor een Jezus kan dat zijn?

1. Een Jezus die alleen als “goed” mens wordt voorgesteld en niet als de Messias die God in de wereld zou zenden.

Dat is dwaalleer en in strijd met de waarheid van het evangelie dat ons is overgeleverd – en dat wij niet bedacht hebben. Dat blijkt uit 1 Joh. 2:22. “Wie is de leugenaar anders dan hij die loochent dat Jezus de Christus is?”

2. Een Jezus die niet als “Zoon van God” wordt voorgesteld.

Dat is dwaalleer en in strijd met de waarheid van het evangelie dat ons is overgeleverd  – en dat wij niet bedacht hebben. Dat blijkt uit 1 Johannes 4:2: “Hieraan leert u de Geest van God kennen: elke geest die belijdt dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, is uit God.” en 1 Joh. 4:15, “Al wie belijdt dat Jezus de Zoon van God is, God blijft in hem en hij in God.”

3. Een Jezus die niet wordt voorgesteld als de Verlosser van de wereld.

Dat is dwaalleer en in strijd met de waarheid van het evangelie dat ons is overgeleverd  – en dat wij niet bedacht hebben. Dat lezen we in 1 Joh. 4:14, “Wij hebben gezien en getuigen dat de Vader de Zoon gezonden heeft als Zaligmaker van de wereld.”

4. Een Jezus die niet als het volmaakte offer voor de zonden wordt begrepen.

Dat is dwaalleer en in strijd met de waarheid van het evangelie dat ons is overgeleverd – en dat wij niet bedacht hebben. Dat blijkt uit 1 Joh. 2:2, “En Hij is een verzoening (zoenoffer) voor onze zonden; en niet alleen voor de onze, maar ook voor de zonden van de hele wereld.”

5. Een Jezus die niet onze Heer is en niet hoeft te worden gehoorzaamd.

Dat is dwaalleer en in strijd met de waarheid van het evangelie dat ons is overgeleverd  – en dat wij niet bedacht hebben. Dat lezen we in 1 Kor. 8:6, “…er is één Heere, Jezus Christus, door wie alle dingen zijn en wij door Hem.”

Hoe moeten wij omgaan met iemand die een broeder of zuster heet te zijn, maar een “andere” Jezus predikt? De broeder of zuster die gelooft, dat “Jezus de Christus is, is uit God geboren.” En ieder die Hem liefheeft heeft daarom ook al diegenen lief die uit God geboren zijn. (1 Joh. 5:1)

Ieder die “niet blijft in de leer van Christus”, staat buiten het evangelie, die “heeft God niet” zegt Johannes in zijn tweede brief, vers 9. Als “iemand bij u komt en deze leer niet brengt, ontvangt hem niet in huis en begroet hem niet.” Het zijn harde woorden, maar dit is het gebod. Wie een “andere” Jezus predikt, is een misleider, als hij niet belijdt dat Jezus Christus in het vlees gekomen is. (2 Johannes 7)

De liefde is het hoogste, zeker. Je kunt niet God liefhebben en de broeder of zuster haten. Maar wie een “andere” Jezus predikt – niet zomaar een ander beeld en ervaring heeft met Christus, maar werkelijk een andere Jezus verkondigt die niet conform de prediking van de apostelen is –  die staat buiten Gods gemeente. Zo iemand is geen broeder of zuster, maar een buitenstaander.

Wat maken wij daarvan? Wij zeggen moderne woorden, die met de waarheid niets te maken hebben, maar met de wellevendheid en het moderne relativisme overeenkomen. Iedereen heeft zijn eigen waarheid, iedereen hoort erbij, iedereen mag zijn of haar eigen geloof belijden en verkondigen.

Mag dat inderdaad? Ook als die prediking en dat belijden een Jezus voorstelt die als mens en niet als Messias in de wereld kwam?  Wel gestorven is, maar niet opgestaan uit de doden?  Die wel opgeroepen heeft tot naastenliefde, maar niet het zondoffer was? Die niet onze Heer is, maar alleen moreel gezag heeft door zijn woord? Die een mens was zoals wij, maar niet de Zoon van God is?

Mag het dan wel als iemand zegt dat Jezus nooit bestaan heeft?

Dat is dwaalleer en in strijd met de waarheid van het evangelie dat ons is overgeleverd – en dat wij niet bedacht hebben.

Dat de gereformeerde kerk in Nijkerk hem niet meer op de kansel wil toelaten is dus terecht. Dat de Vredeskerk hem daar wel toelaat, is echter in strijd met Bijbelse beginselen.

Nagekomen gedachte:

The problem with heresy hunting is that it is a job only half-done. It does little good to attack false theology if we do not also replace it with something better.

Our goal, as communicators who love the truth, is not to hunt down bad theology but to heal it, to mend it…

http://www.christianitytoday.com/le/2015/february-online-only/heresy-hunter-or-heresy-healer.html

2015-03-11_0020